Doorzetten en uitbouwen

Publieke dienstverleners, toezichthouders, medeoverheden en ministeries werken zelfstandig aan de verbetering van hun eigen dienstverlening. Dit gebeurt grotendeels langs de oorspronkelijke handelingsperspectieven van het programma WaU en de Staat van de Uitvoering. Waarin de Staat van de Uitvoering een overkoepelend beeld geeft van de uitvoeringspraktijk in Nederland.

De programmadirectie Werk aan Uitvoering stimuleert organisaties om deze acties de komende jaren door te zetten en uit te bouwen. 

Nadat er in de eerste drie jaar onder WaU-vlag veel verbeteringen zijn bedacht, brengen publieke dienstverleners, medeoverheden, ministeries en toezichthouders deze nu in de praktijk. Iedere organisatie draagt hierbij een eigen verantwoordelijkheid en pakt haar eigen rol. De programmadirectie WaU stimuleert, monitort de vooruitgang en houdt het overzicht. Er wordt gewerkt aan deze bovenstaande thema’s.

Verbeteren van de beleidskwaliteit

Beleid sluit vaak onvoldoende aan op de leefwereld van mensen. Met als gevolg dat het vaak moeilijk te begrijpen en lastig uitvoerbaar is. Daarom is belangrijk om (eerstelijns)professionals, publieke dienstverleners en belanghebbenden bij de beleidsvorming te betrekken. Zeker eerstelijnsprofessionals weten als geen ander hoe beleid in de praktijk uitpakt. Zij kunnen helpen om tot een betere aanpak te komen en een goede afstemming tussen verschillende initiatieven.

Wat gaan publieke dienstverleners, medeoverheden, ministeries en toezichthouders doen?

  • Alle overheden betrekken in een vroeg stadium de samenleving en (eerstelijns)professionals bij de beleidsvorming om de kwaliteit van hun beleid te verbeteren.
  • Alle secretarissen-generaal (sg’s) van de ministeries spannen zich in om de maatschappelijke toegevoegde waarde van beleid te verhogen (het traject ‘versterken beleidskwaliteit’).
  • Het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) coördineert de implementatie van het Beleidskompas en versterkt de wetgevingstoets. Het Beleidskompas is sinds 2023 de centrale werkwijze voor het maken van beleid bij de Rijksoverheid; bij elk van de vijf stappen wordt bekeken welke belanghebbenden erbij betrokken moeten worden. Bij de wetgevingstoets wordt bekeken of voorstellen aan de kwaliteitseisen voldoen.
  • De ACU steunt alle initiatieven en blijft het gesprek voeren over de benodigde aansturing en cultuur om zorgvuldige beleidsontwikkeling te bestendigen. Dilemma’s en knelpunten worden openlijk gedeeld.

Voeren van een gelijkwaardig gesprek

Waar beleid en uitvoering elkaar ontmoeten, moet een gelijkwaardig gesprek ontstaan. Alleen zo komt op tafel wat er écht speelt in de samenleving en wat er nodig is om de publieke dienstverlening verder te verbeteren. Daarbij moet aandacht zijn voor de uitvoerbaarheid van beleid en het werken vanuit publieke waarden.

Tussen publieke dienstverleners en ministeries vinden dit gesprek deels plaats in de zogeheten (ambtelijke sturings)driehoek van eigenaar, opdrachtgever en opdrachtnemer. Om alle overheden gelijkwaardig aan maatschappelijke opgaven te laten samenwerken, moet dit gesprek volgens de ACU ook met gemeenten en andere medeoverheden worden gevoerd.

Wat gaan publieke dienstverleners, medeoverheden, ministeries en toezichthouders doen?

  • Alle overheden intensiveren ‘het goede gesprek’ tussen beleid en uitvoering en geven nadrukkelijk aandacht aan knelpunten in de uitvoering, dilemma’s en het sturen op publieke waarden. De ACU verkent samen met medeoverheden ook manieren om de decentrale uitvoering hierbij te betrekken.
  • Binnen de Rijksoverheid dragen de ambtelijke driehoeken zelf zorg voor hun ontwikkeling en professionalisering. Zij gaan zelfstandig aan de slag met ketensturing en meervoudig opdrachtgeverschap. De programmadirectie WaU kan hen hierbij ondersteunen en als kennisbank dienen.
  • De programmadirectie WaU, het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en het ministerie van Financiën geven verdere invulling aan de sturing op publieke waarden. De programmadirectie WaU deelt voorbeelden hoe deze publieke waarden verankerd kunnen worden in de samenwerking en verantwoording.
  • De programmadirectie WaU geeft samen met wetenschappers inzicht in de ontwikkelniveaus van de ambtelijke driehoek. De ACU voert het gesprek over de ontwikkelniveaus van de ambtelijke driehoek en hoe er op publieke waarden gestuurd wordt om zo van elkaar te leren.
  • De programmadirectie en een ACU-lid zetten samen een netwerk van opdrachtgevers op. Ze doen dit in lijn met het Netwerk van Publieke Dienstverleners (NPD) en eigenaarsadviseurs. In dit netwerk kunnen opdrachtgevers ervaringen uitwisselen, bijvoorbeeld over hun rol als opdrachtgever, meervoudig opdrachtgeverschap en het sturen op publieke waarden.
  • De ACU bespreekt periodiek dilemma’s en knelpunten in het gelijkwaardige gesprek. De programmadirectie WaU deelt goede praktijkvoorbeelden.

Oplossen van knelpunten

Om de publieke dienstverlening structureel te verbeteren, is het belangrijk om knelpunten in de uitvoering op te sporen en op te lossen. Daarom maken meer dan 40 publieke dienstverleners en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een Stand van de Uitvoering of knelpuntenbrief. De Standen van de Uitvoering laten ongefilterd de dilemma’s zien waar professionals mee kampen. Deze dilemma’s worden gedeeld met het kabinet en het parlement. De Staat van de Uitvoering geeft een overkoepelend beeld van de uitvoeringspraktijk in Nederland.

Omdat de aanpak van knelpunten en dilemma’s door ministeries, uitvoeringsorganisaties en de politiek verschilt, is het belangrijk om hier blijvend lessen uit te trekken: wat werkt goed en wat minder goed?

Wat gaan publieke dienstverleners, toezichthouders, medeoverheden en ministeries doen?

  • De Standen van de Uitvoering worden periodiek besproken binnen de ambtelijke sturingsdriehoeken (eigenaar, opdrachtgever en opdrachtnemer). De driehoeken maken duidelijk welke knelpunten zij gaan aanpakken.
  • De driehoeken delen knelpunten en mogelijke oplossingen in de ACU. De programmadirectie WaU monitort de voortgang. De ACU agendeert ook gesprekken om overkoepelende knelpunten overheidsbreed aan te pakken.

Mensen (ondernemers) en bedrijven staan centraal

De publieke dienstverlening is het eerste contact van mensen met de overheid. Veel mensen weten hierin hun weg te vinden, maar een groeiende groep mensen heeft daar moeite mee. Uit de voortgangsrapportage van de programmadirectie WaU blijkt een grote ambitie van publieke dienstverleners en overheid om de dienstverlening te verbeteren. Daarvoor zijn veel goede ideeën, maar het is belangrijk dat die op elkaar aansluiten om de toegankelijheid van de overheid voor iedereen te verbeteren.

In co-creatie aan de slag:

  • Het ministerie van BZK/Directie Digitale Overheid werkt met het interbestuurlijk programma Dienstverlening aan een publieke dienstverlening die betrouwbaar is, aansluit bij de behoeften en leefwereld van mensen en recht doet aan de persoonlijke situatie van mensen. Hier wordt verder vorm aan gegeven in verschillende deelprogramma’s, zoals Loketfunctie van de overheid, Aanpak levensgebeurtenissen, Proactieve dienstverlening en Standaarden publieke dienstverlening (zoals maatwerk).

Versnellen van de digitale agenda

Om de publieke dienstverlening te verbeteren is het essentieel eerst de ICT-systemen van publieke dienstverleners en medeoverheden op orde te brengen. Mensen en bedrijven vormen hiervoor het uitgamgspunt, want zij moeten gemak ervaren in het contact met gemeenten en uitvoeringsorganisaties (voorspelbaarheid) en minder vaak tegen fouten aanlopen.

In co-creatie aan de slag:

  • Het ministerie van BZK stelt, in afstemming met andere organisaties, vast wat overheidsbreed de prioriteiten zijn. Dit ministerie maakt ook de afspraken over de inrichting van de digitale overheid (de implementatie van voorzieningen en bijbehorende standaarden).
  • Het ministerie van BZK werkt aan een generieke digitale infrastructuur (GDI) en ontwikkelt het stelsel van basisregistraties door naar een federatief datastelsel (het programma Common Ground is hiervoor een belangrijke voedingsbron). Dit zorgt ervoor dat publieke dienstverleners en medeoverheden op dezelfde manier werken. En dat mensen en ondernemers inzicht hebben in welke gegevens van hen worden gebruikt en voor welk doeleinde.
  • De uitvoerende diensten werken aan het oplossen van vraagstukken rondom verouderde ICT-systemen en applicaties.

Aandacht besteden aan vakmanschap

Overheidsmedewerkers spelen een belangrijke rol in de publieke dienstverlening. Zij moeten goed kunnen omgaan met de publieke taak en verantwoordelijkheid van de overheid. Juist daarom is het van belang dat zij over voldoende kennis en kunde beschikken. En dat ze voeling houden met de samenleving om daar actief behoeften en ideeën op te halen.

Mede dankzij de inzet van de programma-directie WaU en het programma Grenzeloos Samenwerken is er aandacht voor kennis over uitvoering en praktijkgericht werken. Tegelijkertijd vraagt verbetering van de publieke dienstverlening blijvende inzet en soms extra aandacht voor ambtelijk vakmanschap.

In co-creatie aan de slag met:

  • Het integreren in de verschillende opleidingen binnen de (rijks-)overheid van kennis over uitvoering en beleid, over het gebruik van ruimte in wet- en regelgeving voor maatwerk, de democratische rechtstaat en burgerparticipatie.
  • Het toerusten van overheidsmedewerkers om de ruimte in wet- en regelgeving te gebruiken om maatwerk toe te passen.
  • Het zorgen voor een actueel opleidingsaanbod, waardoor medewerkers meegenomen worden in nieuwe ontwikkelingen, zoals de implementatie van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
  • Het stimuleren van structurele uitwisseling tussen beleid en uitvoering.

Zorgen voor statuur van de uitvoering

Het structureel verbeteren van de publieke dienstverlening kan alleen als alle stakeholders in de samenwerkingsketen gelijkwaardig bijdragen. Een gelijke materiële waardering (salaris en arbeidsvoorwaarden) en immateriële gelijkwaardigheid (samenwerking en cultuur) moeten bijdragen aan de Statuur van de uitvoering. Om het vakmanschap in de publieke dienstverlening te bevorderen is het nodig dat ambtenaren uit verschillende organisatietypen (beleid, uitvoering, toezicht, staf) elkaars werelden beter begrijpen. Dit vraagt tijd, ruimte en ondersteuning.

In co-creatie aan de slag met:

  • Gelijke waardering voor medewerkers bij verschillende rijksoverheidsorganisaties in een nieuw functiewaarderingssysteem voor het Rijk.
  • Het stimuleren van mobiliteit tussen beleid en uitvoering, maar ook tussen rijk en medeoverheden, door middel van detachering, traineeships, openstelling van vacatures en uitwisselingsprogramma’s. Het harmoniseren van ambtelijke waarden en vaardigheden helpt hierbij.
  • Management development voor middenmanagers op WaU-waarden, zoals kennis over de uitvoering, democratisch rechtstatelijk besef, werken vanuit de bedoeling en burgerparticipatie. Middenmanagers vervullen een cruciale rol om medewerkers te helpen met het anders benaderen van hun werk. Door opleidingen en het uitwisselen van ervaringen stellen we hen in staat om op een nieuwe manier leiding te geven.
Vergroot afbeelding